sme001002139.jpg

Enkele historische weetjes over Battel

De eerste bewoners en de naam Battel 

De geschiedenis van Battel gaat heel ver terug. Bij de vernieuwing van de Dijledijk kwamen sporen van prehistorische bewoning boven. Deze sporen waren ongeveer 6000 jaar oud. Dat er hier al vroeg bewoning was hoeft niet te verwonderen. Er waren dan ook verschillende gunstige factoren: de aanwezigheid van de Dijle, hoog gelegen gebieden (zoals de Warande en Battelse Bergen) en op den duur ook belangrijke landwegen zoals de oude Romeinse heirweg naar Keulen. 

Plaatsnamen als Battelse Bergen en Battels- of Batteleireveld komen al heel snel voor in de geschreven bronnen. De naam Battel duikt voor het eerst op in de twaalfde eeuw. Er zijn verschillende verklaringen. Zo zou de naam volgens een legende afkomstig zijn van het Engelse woord battle of veldslag. De Heilige Lambertus zou hier ooit de Noormannen verslagen hebben. Het is waarschijnlijker dat de naam een samenvoegsel is van "lo" (een bos op hoger gelegen zandgrond) en "bachten" (= achter). Volgens een andere theorie komt Battel van de persoonsnaam Batto of Bato. 

Van landbouwers in de heerlijkheid Mechelen over schansen tot het kanaal Mechelen-Leuven 

In de veertiende eeuw was Battel een gehucht dat deel uitmaakte van de heerlijkheid Mechelen. Deze heerlijkheid bestond uit de stad, het district (gehuchten Hanswijk, Geerdegem, Auwegem, Pennepoel, Nekkerspoel en Nieuwland en de dorpen Heffen, Leest, Hombeek, Hever en Muizen) en het ressort (Heist-op-den-Berg en Gestel). De Mechelse stadsmagistraat bestuurde de heerlijkheid en stelde twee gezworenen aan voor Battel. Die laatsten moesten er vooral op toezien dat inwoners van Battel braaf hun belastingen betaalden aan de stad en de vorst. Naast gezworenen was er ook een meier die instond voor het bestuur van Battel, Geerdegem, Auwegem, Hombeek, Leest en Heffen samen. 

De Battelse bevolking bestond toen en in de eeuwen daarna vooral uit landbouwers. Naast kleine hoeven werden er op de hoogste gebieden in de waterrijke omgeving ook versterkte hoeven gebouwd. 

Het Tolhuis van Battel, 1974. © Stadsarchief Mechelen - beeldbankmechelen.beIn de zestiende eeuw verrezen er ook enkele schansen in Battel. Schansen waren militaire gebouwen die deel uitmaakten van een vooruitgeschoven verdedigingsgordel rond de stad. Het Hooghuis moet in die context gezien worden. Vermoedelijk maakte het deel uit van een Spaanse schans. Bij kruisingen van land- en waterwegen moest je in schansen vaak ook tol betalen op goederen. Het Tolhuis van Battel is daar een mooi voorbeeld van. 

In de achttiende eeuw sneed de aanleg van het kanaal Mechelen-Leuven of de Leuvense vaart (1750-1753) het gehucht Battel doormidden. Ter hoogte van de Battelse Bergen werden twee sluizen en een brug gebouwd. 

Battel wordt een zelfstandige parochie 

De Heilige Jozefkapel van Battel naar Jan-Baptist De Noter. © Stadsarchief Mechelen - beeldbankmechelen.beEind achttiende eeuw braken de Fransen de Battelse Heilige Jozefkapel af. Die kapel was in de plaats gekomen van de Heilige Kruiskapel. Laatstgenoemde kapel duikt voor het eerst op in 1455. Ze was gekend omwille van de Heilig Kruisprocessie. De Calvinisten maakten de Heilige Kruiskapel rond 1580 met de grond gelijk. In 1627 kwam de Heilige Jozefkapel in de plaats. 

Nu ook die laatste kapel er niet meer was moesten de inwoners van Battel te voet naar de Mechelse Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk voor de mis. Voor sommigen was dat heel ver. Daarom kwam er een petitie voor een eigen parochie. Dit had nogal wat voeten in de aarde. Pas in 1862 kwam er een nieuwe kerk aan de brug over het kanaal en nog eens vijf jaar later was er sprake van de zelfstandige parochie Battel met Sint-Jozef als patroonheilige. 

De familie Empain 

Op dat ogenblik was Battel in volle verandering. Naast de kerk verrezen ook het klooster en twee scholen (jongens en meisjes). De komst van verschillende adellijke families zal hier niet vreemd aan geweest zijn. 

Het kasteel van Baron Empain, trap langs de buitenzijde, circa 1938-1940. Leon Van Baelen. © Stadsarchief Mechelen - beeldbankmechelen.be

De familie Empain was de meest gekende. Rond 1900 begon dit geslacht zijn stempel te drukken op het leven te Battel. Zo verbouwde en vergrootte baron Eduard Empain het aan de vaart gelegen kasteeltje. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden verzwakte kinderen er een onderkomen. Het kasteel werd in 1952 volledig gesloopt. Enkel het koetshuis blijft nog over. Eduard Empain richtte ook de fanfare Ons Genoegen op. 

Zijn zuster Florence was gedurende jaren eigenares van de jongensschool. 

Vandaag leeft de familie alleen nog verder in de straatnaam Baron Empainlaan. 

Sterke bevolkingsaangroei en Battelcomplex 

Rond 1951 groeide de bevolking van Battel heel snel. Nieuwe wijken met veel jonge gezinnen rezen als paddenstoelen uit de grond: aan de Hoge Weg, de Ankerstraat en de Streyp. 

Begin jaren 1970 vond de aanleg van het Battelcomplex plaats. Dit is het op-en afrittencomplex van de E19. Het aanzicht van Battel veranderde voorgoed. 

Het Battelcomplex, begin jaren 1970. © Stadsarchief Mechelen - beeldbankmechelen.be

Bronnen 

  • DE NIJN, H. 'Battel: hoe het groeide'. Sine loco en sine dato.
  • Mechelen Mapt: http://mechelen.mapt.be/wiki/Battel (geraadpleegd op 09/02/2012).
  • VAN UYTVEN, R. 'De geschiedenis van Mechelen. Van Heerlijkheid tot Stadsgewest'. Mechelen, 1991.
  • www.beeldbankmechelen.be (geraadpleegd op 09/02/2012). 

Meer weten? 

In de leeszaal van het Stadsarchief Mechelen vind je verschillende oude documenten over Battel: heerlijkheid, kapel, burgerlijke stand ouder dan 100 jaar ... 

Voor oude foto's kun je terecht in de online beeldbank.

Lees ook eens VAN KERCKHOVEN, R. ‘Battel opgehelderd : overzicht van de geschiedenis van het gehucht Battel van in de vroegste tijden tot vandaag’, 2015